PORTUGAL- Duizenden melkveehouders demonstreerden afgelopen zaterdag. Heel melkvee-Portugal had zich verenigd: van de grote landbouworganisties tot de speciale melkveeorganisaties. Aanleiding was het stunten met melk in de supermarkten. Bijvoorbeeld de actie van supermarkt Continente waarbij via een geld-terug-actie per saldo slechts 0,13 € voor een liter melk gerekend wordt. De melk voor deze actie komt uit Spanje.
De stuntactie is symptoom van een dieperliggend probleem: veel landbouwsectoren in ‘perifeer’ Europa (behalve ZuidEuropa ook Ierland, VK en Scandinavie) kunnen niet voldoende concurrentiekracht ontwikkelen. In de opener markten breekt hen dat op, want import komt wél. De multinationale retail doet deals met partijen die volume bieden en dat is centraal makkelijker te regelen. In Portugal is de gemiddelde melkprijs aan boeren láger dan die in Europa. En tóch komt er veel importmelk. Hoe is dat uit te leggen?
Dit is de vertaling van het persbericht naar aanleiding van de demonstratie van APROLEP:
De demonstratie zal beginnen met verzamelen bij de regionale directie van Landbouw en Visserij in Matosinhos, daar willen we de minister zeggen dat het tijd is om vanuit haar “superministerie” af te dalen naar de aarde en de boeren te verdedigen tegen de commerciele uitwassen. Deze zorgen voor lage farmgate prijzen, lange betalingstermijnen en ze promoten import van producten die Portugal zelf in voldoende kwantiteit en kwaliteit maakt om aan de vraag te voldoen. Het is noodzakelijk en dringend dat de Portugese regering zich duidelijk uitspreekt over dit onderwerp. We moeten dringend weten of de overheid medeplichtig is aan deze pijnlijke weg naar een faillissement.
De route van de demonstratie is richting de supermarkt Continente om onze verontwaardiging als producenten te tonen voor het misbruik van landbouwproducten als lokaas in de agressieve promotie-acties bedoeld om meer consumenten aan te trekken in deze moeilijke tijd in onze economie. Onze producenten zijn boos als ze zien dat de melk wordt verkocht voor een waarde van bijna drie keer minder dan de kosten van de productie.
Volgens de gegevens van de Nederlandse organisatie LTO telde de gemiddelde europese melkprijs 35,6 cent / kg (in Nederland betaalde de belangrijkste coöperatie 38 cent / kg !!!). Gegevens van ons ministerie MAMAOT tonen dat de gemiddelde melkprijs in Portugal 32,6 cent / kg was in november. De laatste twee jaar is onze melkprijs ca. 3 cent lager dan het Europese gemiddelde. Wat is de logica van melkimporten? Hoe vallen de prijzen in de supermarkten uit te leggen, als je kosten voor transport, verwerking en verpakking, daaraan toevoegt?
We willen ook andere “Nederlandse” supermarkten, die dergelijke bombastische promotie-acties overwegen, waarschuwen dat we ook bij hen onze verontwaardiging zullen uiten. De houding van deze supermarkten kan de directe verkoopcijfers of kwartaalresultaten wellicht rooskleuring maken, maar op de middellange en lange termijn resultaat zal ze de economie en de consumenten die ze nodig hebben vernielen.
De landbouwproductie in Portugal heeft geen toekomst zonder een eerlijke marktwaarde, een eerlijke prijs die rekening houdt met de kosten van de productie.
De Directie van APROLEP
Vantevoren kreeg ik een SMS-je van een collega melkveehouder hier in Portugal, de voorzitter van onze melkveehoudersassociatie (APROLEP). Of ik als Nederlander de ‘Nederlandse’ supermarkt toe kon spreken.
De boosheid is dus een klein beetje gericht aan Nederland. Het Portugese bedrijfsleven is met een kapitaalvlucht bezig. Het belastingparadijs Nederland wordt vaak gekozen als een veilige Euro-haven. Het schijnt dat 17 van de top 20 Portugese bedrijven hun administratieve hoofdkantoor in Nederland hebben gevestigd. De holding van de grootste supermarktketens werd op 30 december 2011 op papier Nederlands. Daar ontstond ophef over.
In plaats van te demonstreren heb ik het vraagstuk voorgelegd aan Foodlog.nl, een discussiesite in Nederland die vraagstukken in de keten en landbouwbeleid volgt. Hier lees je het stuk, en de reacties erop. Is Europa stuk, als de verschillen alleen maar groter worden?
G eplaatst door: Josien Kapma op januari 9, 2012 om 12:17
De Rabobank komt met dit filmpje (dank aan @meelmuisje) over duurzame melkveehouderij. “Omstandigheden veranderen… En de boer? Hij past zich aan..”
Wat opvalt is dat de bank hier kaders stelt, die de wettelijke te boven gaan. Begrijpelijk dat de bank niet meegaat met ondernemersplannen als die plannen niet de goedkeuring van overheid of omgeving zullen krijgen, maar is de bank de visionair voor de melkveehouderij??
G eplaatst door: Josien Kapma op januari 4, 2012 om 11:10
Echte Goudse kaas uit Ierland. Het bestaat. Dick Wessels ruilde dertig jaar geleden het ‘overvolle’ Nederland in voor de landelijke rust van de Ierse westkust. ‘Ik zat in Nederland in de detailhandel en hobbyde wat met een stukje grond, maar hier ben ik serieus gaan boeren.’
Hoog in de Derrynasaggart Mountains grazen 27 koeien die de melk leveren voor de kaas die Wessels maakt. Coolea Cheese heet zijn bedrijf, naar de verengelste naam van het plaatsje Cúil Aodha, waar hij in 1979 neerstreek.
Duurzaamheid is helemaal losgebarsten als issue in de melkveehouderij. De Boerderij staat er vol van, NZO en LTO slaan de handen ineen met een groot project Duurzame Zuivelketen, FrieslandCampina heeft een versnelling ingezet. Hoe voorkom je windowdressing en maak je duurzaamheid aantoonbaar?
Bij het project ‘Duurzaam Boer Blijven’ hebben ze al jaren ervaring. Het project is bedoeld om beter te presteren voor boer (financieel, maar ook werkplezier), koe (dierwelzijn) en aarde (milieu). Die betere prestaties moeten ook aantoonbaar zijn, dan pas is het overtuigend. Uiteindelijk moet een goede score-kaart ook leiden tot voordeel voor het bedrijf. Denk bijvoorbeeld aan meer vertrouwen van Gemeente of Waterschap, maar ook aan een uitbetaling op groene diensten of een plus op de melkprijs van de melkfabriek.
Bij ‘Duurzaam Boer Blijven’ denkt men dat kringlopen sluiten uiteindelijk de beste manier is om in Nederland duurzaam melkvee te houden. Om kringlopen te sluiten moet krachtvoer en kunstmestgift verminderd worden, en komt de relatie vee – mest – weide (of akker) in zicht. Hieronder een filmpje.
Om lage krachtvoerkosten te realiseren moet de benutting van het eigen ruwvoer omhoog. Laagsgewijs inkuilen, de rol van een voermengwagen en het voeren van een trage energiebron (pulp) ten opzichte van een snelle (geplette tarwe) komen aan bod. Uitgelegd wordt dat de KVEM benutting van het eigen land, zoals berekend wordt vanuit de BEX en door vele adviseurs en boekhouders, een rapportcijfer geeft voor de benutting van het eigen voer.
Is maximale ruwvoerbenutting inderdaad de meest duurzame manier van melkveehouderij?
G eplaatst door: Josien Kapma op december 13, 2011 om 13:03
Afschaffing van de Europese suikerquota leidt, in combinatie met verlaging van importtarieven, tot verhoging van de suikerproductie met 10% en een daling van de prijs van suiker en suikerbieten. Het boereninkomen daalt met gemiddeld 5 à 7% afhankelijk van het type en de locatie van het akkerbouwbedrijf. Voor het totale akkerbouwcomplex, inclusief de bietenverwerkende industrie, zullen de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid licht toenemen.
Groeiende markt voor suiker Door de toenemende welvaart zal de consumptie van suiker tot 2020 wereldwijd toenemen met circa 20%. De suikerprijzen op de wereldmarkt zullen instabiel zijn door het fluctuerende aanbod en de afgenomen voorraden. De stijgende vraag zal de prijs doen stijgen, na een eerste daling ten opzichte van de momenteel relatief zeer hoge wereldprijzen.
Arme landen krijgen het moeilijker Wanneer alléén gekeken wordt naar het afbouwen van de marktbescherming voor de suikerbietenteelt – los van verandering in het quotabeleid- zien we dat daarbij de Nederlandse suikerbietentelers er in inkomen op achteruit gaan. De suikerriettelers in de armste ontwikkelingslanden komen echter veel meer in het gedrang als ze op de Europese markt moeten concurreren met efficiëntere suikerrietlanden.
De gevolgen voor arme landen kunnen aanzienlijk zijn. De minst-ontwikkelde landen en de Afrikaanse landen, de Cariben en de Stille Oceaan (de ACP-landen) betalen tot nu toe zeer lage of geen importtarieven voor suikerexport naar de Europese Unie. Dat voordeel raken ze kwijt en de concurrentie met landen als Brazilië kunnen ze veelal niet aan.
Johan en Jolanda Koezen emigreerden in 2007 met hun kinderen Mark en Manon naar de staat Iowa in Amerika. Daar hebben ze een melkveebedrijf met 400 melkkoeien die 3x per dag worden gemolken. Ondanks de goede technische resultaten van de veestapel zijn ze met Fleckvieh begonnen. Waarom? “Simpel omdat de koeien hier in de VS teveel op de melk zijn gefokt. Hier kun je ondanks het goede voer niet aan voeren. Op warme dagen is het heel normaal dat er eentje dood neervalt. Daarom willen we slow starters, vlakke lactatiecurve en op z’n Nederlands gezegd: duurzaamheid”, aldus Johan Koezen.
Hieronder een recent mailtje uit Amerika over de eerste resultaten van de en foto’s van de Fleckies:
Alles goed daar? Hier wel we hebben de eerste 20 fleckviehvaarzen inmiddels aan de melk en ik schat dat er nog ongeveer 25-30 bij komen van de eerste lichting. Daarna zijn we even gestopt toch vanwege de zware kalveren. Op dit moment worden ze weer volop geboren en er wordt weer volop geïnsemineerd met Fleckvieh.
Hierbij wil ik de 305 dagen voorspelling van de vaarzen even doorgeven.
Hierbij wil ik de 305 dagen voorspelling van de vaarzen even doorgeven.
2x Engadin:12.816 kg
13.408 kg
5x Hippo: 9.183 kg
10.411 kg
10.067 kg
8.900 kg
9.413 kg
5x Roibos 11.326 kg
10.887 kg
9.522 kg
8.883 kg
9.993 kg
7x Mandela 11.504 kg
10.715 kg
12.606 kg
9.778 kg
12.835 kg
12.885 kg
10.945 kg
Dit is voor ons boven verwachting. Goed te weten dat het nog maar vaarzen zijn die afgekalfd hebben op een leeftijd van 1.9 a 1.10 jaar gemiddeld.
Ze doen niks voor de Holsteins onder, alleen de conditiescore is veel beter van de Fleckies. Alleen met holsteins heb je wel eens een uitschieter van boven de 12.000 kg. Maar dat zegt me niet zo veel, dat zijn de gevaarlijkste koeien wanneer ze het 2de kalf krijgen.
Het gemiddelde celgetal van de hele veestapel is 120.000. Een kwart van de veestapel is 4de kalfskoeien. We zitten wel redelijk laag met het celgetal.
Het celgetal van de fleckies is: 5 Hippo gem. 29.000
3 Engadin gem. 20.000
6 Roibos gem. 22.000
7 Mandela gem. 43.000
6 fleckies zijn drachtig van de 1st ins.
3 fleckies drachtig van 2 ins
3 zijn 1x geins en 3 zijn 2x geins maar nog niet drachtig verklaard.
Dit is voor hier goed. Het was deze zomer erg warm (mnd boven de 35 graden met hoge luchtvochtigheid). Denk dat de drachtigheid nu wel beter wordt.
We melken 3x daags en gebruiken GEEN bst.
Bij de eerste lichting hadden wij Harvester en Marmara en deze gaven veel te grote kalveren.
Nu hebben we Isegrim, Waldhoer, Mandela, Resolut, Mangope, Striker en Roibos in het vat zitten.
We krijgen nu kalveren van Varus, Holzmichl, Mandela, Randy, Resolut, Isegrim en nog steeds Waterberg.
De buurman melkt 1000 koeien, was eerst nog terug houdend maar ziet nu de cijfers van ons en wil nu ook voorzichtig beginnen met fleckvieh. Hij is ook veearts en doet bij ons de vetwork en houdt het goed in de gaten hoe de fleckies het doen. Hij doet al wel jaren aan drieweg kruising.
Om meer inzicht te krijgen in de ecologische voetafdruk van ons voedsel, heeft het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie het LEI gevraagd een beeld te geven van de herkomst en bestemming van in Nederland geconsumeerde en geproduceerde voedingsmiddelen. Hieruit blijkt dat voor veel agrarische producten, die de basis vormen voor voedingsmiddelen, de voorzieningsgraad groter is dan 100%.
Dit betekent dat Nederland van veel agrarische producten meer produceert dan het consumeert, zo blijkt uit de nota Verduurzaming voedselproductie. Met name geldt dat voor kaas, kalfsvlees, varkensvlees, pluimveevlees, verse groenten, aardappelen en suiker. Daarentegen is de voorzieningsgraad voor producten als rundvlees, vis, vers fruit en graan relatief laag. Hoewel dat binnen een productgroep sterk uiteen kan lopen. Wat fruit betreft bijvoorbeeld, produceren wij 250% van onze eigen behoefte aan appels en 155% van onze eigen behoefte aan peren, maar bijna geen exotisch fruit.
De meeste agrarische producten in ons land worden geëxporteerd binnen de Europese Unie. Twee derde of meer van de export van de onderzochte producten vindt plaats in de driehoek Londen-Berlijn-Parijs (inclusief België). Ook import van agrarische producten vindt voornamelijk plaats uit EU-landen.