Friday, July 30, 2010

China: better milk, better life

Global Dairy Farmers
Het zal direct geen emigratieland zijn maar wat er in China plaatsvind op zuivelgebied zal van invloed zijn op de hele (zuivel)wereld. Lees hieronder de bijdrage van Jan van weperen in de Nieuwe Oogst die onlangs een studiereis naar China heeft gemaakt:

Door Jan van Weperen,

De 1,3 miljard Chinezen zaten in 1990 nog maar op vier liter melkconsumptie per persoon per jaar. Intussen is de totale melkconsumptie toegenomen tot 27 miljard. De gemiddelde consumptie in de wereld is 105 liter met als koploper Canada en Australië met 250 liter (Nederland 120 liter).

De trend van meer melkproductie is onmiskenbaar in de regio Inner Mongolia en dat is China’s melkprovincie bij uitstek, samen met Xinjiang en Heilingiang. Deze drie regio’s, grenzend aan de republiek Mongolië en Rusland in het noorden, zijn ook de belangrijkste zuivelgebieden.

Inner Mongolia, met als hoofdstad Hohhot, ‘the dairy capital’ van China, hebben we bezocht. Het Noorden als zuivelregio schetst meteen ook al een stukje problematiek. In China, twee keer zo groot als Europa, wonen de meeste mensen in het Oosten en dan ook nog in het Zuidoosten. Verse melk over lange afstanden vervoeren is moeilijk, zeker als het rauwe melk van slechte kwaliteit is zoals nog op veel bedrijven. Daarom wordt er in China veel melk ultra verhit om het zonder koeling te kunnen vervoeren. Daarnaast wordt veel melk verpoederd.

Lemen hutten

De veehouderijstructuur is heel anders dan bij ons in West-Europa met familiebedrijven. Het merendeel van de bedrijven heeft één tot twintig koeien. Vaak wonen grote aantallen boeren met hun gezinnen en hun levende have (één tot vijf koeien) bij elkaar. Verspreid over het platteland, zoals bij ons, zie je haast niet. Alleen af en toe een paar lemen hutten met een paar koeien, maar het merendeel van de boeren woont in groepen bijeen.

Op afstand lijkt het wel een dorp met kippenschuren, maar dichterbij zie je dat de lange gebouwen allemaal compartimentjes hebben waar een boerenfamilie woont. Ze hebben allemaal een koelkast en een televisie. Maar verder is het een erg klein leefvertrek, waar het gezin woont. Hun vee leeft ook in dat compartiment op een stukje land van zeventig tot honderd vierkante meter met een stenen muur daaromheen.

Naast een paar koeien en wat jongvee, houden boeren vaak kippen, eenden en soms een paar varkens. Het voer dat de koeien krijgen bestaat uit relatief veel krachtvoer, daarnaast gras en maïsstro. Omdat in Noord-China en Inner Mongolië ongeveer 400 millimeter regen valt per jaar, groeit er spaarzaam gras.

Dat gras, sheep- and mountaingrass, wordt ’s morgens vers met jute zakken van de bermen, heuvels en landerijen gehaald. De Chinezen vervoeren het achter op de fiets. Zo verzorgt iedere boer in zo’n dorp zijn eigen koeien. Maïs wordt er veel verbouwd. Er wordt ook veel maïsgrond bedekt met plastic om uitdroging tegen te gaan en warmte te behouden.

Toen we dit voor het eerst zagen op de zeer uitgestrekte velden waren we onder de indruk van de precisie, waarmee de machines blijkbaar in alle hoekjes konden komen. Nadere informatie leerde ons dat het handwerk is, onafzienbare vlaktes.

Mechanisatie doet wel haar intree, maar hiervoor gaat dat langzaam. Wel zagen we op een grotere boerderij een groot aantal maïshakselaars, die per machine slechts 200 hectare oogsten. Verwondering alom. De maïskolven worden als waardevol voedsel vaak verkocht en het maïsstro krijgen de koeien, dus die kijken na de grasmaaltijd in de ochtend een groot deel van de dag tegen een lege voerbak aan, eventueel met wat maïsstro.

Het melken van de koeien van die kleine bedrijfjes gebeurt in een gezamenlijke melkstal, waar elke familie de eigen koeien melkt, waarbij ze ook allemaal een eigen dipbeker hebben. Tegen melkenstijd scharrelen ze zo met de koeien naar de melkstal. De baas van de melkstal regelt het een en ander. De visgraat-melkstal horende bij de backyard farms (kleine bedrijfjes) was functioneel en netjes.

De overheid wil nu van deze categorie bedrijven af. Vanwege better milk, better life (vijfjarenplan) wil ze de kwaliteit van de melk en de melkproducten sterk verbeteren. En de overheid vindt deze kleine bedrijven inefficiënt en kwalitatief onvoldoende.

Het melamineschandaal wordt er ook gretig voor gebruikt om deze categorie bedrijven te saneren, terwijl de knoeierij niet plaatsvond op deze bedrijven, maar op verzamelcentra van melk. Nu is het ook zo, dat de meeste boeren geen koeboeren zijn, maar gewoon een paar dieren hebben en een stukje grond bewerken om in hun levensonderhoud te voorzien.

Grote private bedrijven

Naast de kleine bedrijfjes zijn er de grote private bedrijven en de grote overheidsbedrijven. Deze bedrijven wil China sterk laten groeien om de bevolking te voorzien van meer en betere melk. Veel, heel veel grote investeringsprogramma’s zijn geïnitieerd om hier invulling aan te geven. Aantrekkelijke financieringsmogelijkheden en grond gratis in gebruik zijn hier onderdeel van.

Wij hebben een groot melkveebedrijf bezocht met meer dan 5000 koeien, dat naar de 10.000 wil groeien. Een zestigstands draaimelkstal (buitenmelker) en een twee keer dertigstands zij-aan-zij waren in bedrijf. De zorgkoeien gingen door een twee keer zes visgraat en ook was daar China’s tot op heden enige werkende melkrobot in bedrijf. Alles van DeLaval.

De koeien maakten een goede indruk. Zo’n groot bedrijf kan zich met steun van de overheid veel meer permitteren dan een kleiner bedrijf. Het heeft specialisten voor elk aandachtsveld van veehouden, zoals stalling, klimaat, voeding, gezondheid, fokkerij. En als dat dan goed wordt gerund, zijn er ook goede resultaten.

De structuur, die China beoogt, is dat er veel grote bedrijven komen van 500 tot 5000 koeien. Op het platteland zie je dan ook naast elkaar een wereld van verschil. Geen evolutie van systemen in de tijd. Nee, men slaat in één keer vijftig jaar over. De boeren met een tot vijf koeien, soms tot twintig koeien, wordt verzocht hun koeien in zo’n groot bedrijf onder te brengen.

Ze krijgen, op verschillende manieren, rendement van hun koeien. Het rendement is altijd hoger dan de kleine boerenbedrijfjes, dus iedereen wil wel. Als je uitverkoren wordt, mag je ook werken op die grote boerderij en zo wordt sociale onrust voorkomen. Maar als je dan beseft, dat 80 procent van China’s melkproductie van die kleine bedrijfjes komt en als die gaan saneren er heel veel mensen van het platteland naar de stad gaan, dan krijgen de bouw en de industrie er de komende jaren miljoenen mensen bij.

Tegenover deze overheidsaanpak staat de Nestlé-aanpak, die meer als harmoniemodel gezien kan worden. De Nestléman in China, Robert Erhard, vertelde dat de 30.000 boeren waar zij de melk van verwerken op een geleidelijke manier groeien.

Intensief contact, met ook kwaliteitstraining van de boeren en dan de veestapel laten groeien tot dertig tot veertig koeien, is de aanpak van Nestlé. Nestlé is ervan overtuigd, dat dit beter is dan naar 500 tot 5000 koeien, omdat niet iedereen geschikt is voor zo’n groot bedrijf.

Volgens Erhard gaat er veel fout op de grote bedrijven, onder andere door logistieke problemen. Het gras voor de 5000 koeien moet per trein aangevoerd worden over grote afstanden, en dan gaat er nog wel eens wat mis. Kleine bedrijven zijn minder kwetsbaar in een sector in ontwikkeling.

Bij de kleine bedrijven kunnen de boeren voor een deel zelf het voer verbouwen en de koeienmest goed benutten. De hele grote bedrijven maken zich geen zorgen over de mest. Over vijf jaar of eerder, zal dat wel een item zijn. Nu gaat de mest nog naar een dal waar het gemakkelijk gedumpt kan worden. Nestlé kan bogen op ervaring; zij zit hier al twintig jaar in de business. Het competitie-element bij boeren benutten werkt goed; Chinese boeren zijn enorm prestatie gedreven. Betaal je ze te weinig voor de melk, dan komen ze met water, was de ervaring van Erhard.

Zuivelfabrieken

Drie zuivelfabrieken hebben we bezocht, een kleine en twee grote. De kleine (New Hope Dairy) was goed voor 37 miljoen kilo melk, hoofdzakelijk voor de versmelkverwerking en de yoghurt. De medewerkers wonen allemaal in de flat bij de fabriek. Celgetal van de melk boven de 500.000 maakt verhitting noodzakelijk, anders is deze zuivel niet houdbaar.

Op het fabrieksterrein stond ook een flinke partij gezakt melkpoeder uit Nieuw-Zeeland opgeslagen, dat bij te lage melkaanvoer kon worden benut. De ene grote zuivelfabriek behoorde tot de Yili-groep, de andere tot de Mengniu-groep; beide zuivelorganisaties behoren tot de twintig grootste in de wereld.

De Mengniu-fabriek verwerkt de 400 miljoen liter melk voor de versmarkt (weer ultraverhit) en voor yoghurt en ijs. De Yili-fabriek verwerkt de melk (800 miljoen liter) tot melkpoeder, wat op gezette tijden weer benut kan worden. Bij beide fabrieken veel aandacht voor hygiëne. Schoentjes, jassen en mutsjes, de temperatuurcheck van de gasten en handen ontsmetten hoorden bij het protocol.

Beide fabrieken waren toonbeelden van netheid, automatisering, robotisering en computer controling. Van achter het glas zagen we bijna geen werknemer in de fabriek. Gezien de groei en perspectief van zuivelverwerking is het opmerkelijk dat FrieslandCampina met een eigen fabriek in China is gestopt. Wanneer andere internationale zuivelorganisaties hun activiteiten laten groeien, ga je je afvragen wat de reden is van het stoppen. FrieslandCampina is wel weer op de Chinese markt aanwezig, maar naar verluid is de eigen vestiging stuk gegaan vanwege verkeerde locatie en mismanagement.

De veehouderijsector en de zuivelsector in China zijn turbulent in ontwikkeling. De zuivelconsumptie wordt gestimuleerd. Er zijn intussen ook al meer dan 400 Pizza Hut-vestigingen en meer dan 1000 Mac Donalds. Verwestering, verstedelijking, ander eten, plattelandsontvolking… in China gebeurt het allemaal in rap tempo.

Jan van Weperen

Chinezen molken in 2000 ongeveer twaalf miljard liter melk, nu ligt dat dik boven de 32 miljard. Het streven is om volgend jaar 38 miljard te scoren.

Geplaatst door: Co op juli 17, 2009 om 1:56

Comments

One Response to “China: better milk, better life”
  1. aVacaVoadora aVacaVoadora zegt:

    Prachtig verhaal! Hoop dat er op Melkenoverdegrens meer van dit soort bijdragen komen. Kunnen jullie niet een rubriek maken met koeien reisverslagen? Met fotos erbij lijkt me heel leuk.

    En in navolging van de Boerderij is het niet leuk om bv per land een melkveehouder te laten bloggen? Als iedereen dan 1 maal per maand een stukje schrijft dan heb je zo dagelijks een bijdrage.

    En nee ik heb dit niet overlegd met Josien die ligt nl al te slapen.

Laat uw reactie achter

home | top